Loolaan 14



Oude huisnummers: AA 263 - A 698 - A 321
Bouwjaar: 1870
Architect/aannemer: Niet bekend
Oude foto: Gerard van Zutphen


Dit huis is gebouwd in 1870 in opdracht van de in Amsterdam geboren Hendrikus Pelus Verbeek (1825-1875). In 1928 kreeg het huis na een verbouwing het uiterlijk zoals wij het kennen.

BEWONERSGESCHIEDENIS:

1870-1880
De eerste bewoners waren de in Amsterdam geboren postkantoor-assistent Johannes Pelus Verbeek (1825-1876) en zijn eveneens in Amsterdam geboren vrouw Johanna Elisabeth Bodenkemper (1829-1906). Inwonend was hun in Apeldoorn geboren dochter; Hermana Wilhelmina Verbeek (1867-1903).
In 1880 werd het huis verkocht aan de in Apeldoorn geboren Jacoba Johanna Timmerman (1826-1911). Zij was weduwe van de eveneens in Apeldoorn geboren notaris Reinier Pieter Marinus Roeloffs (1825-1863). Jacoba ging hier niet wonen maar verhuurde het huis. Het bleef tot 1920 in eigendom van de familie Roeloffs.

1880-1884
De nieuwe bewoners waren het gezin van de in Amsterdam geboren Louise Wilhelmine Jaeger (1838-1920). Zij was weduwe van de assuradeur Gerrit Westendorp (1821-1877) en woonde hier met drie in Amsterdam geboren zonen; Matthias Karel (1864), Karel Herman (1865) en Gerard Louis (1870).
Gerrit Westendorp was naast assuradeur tevens medeoprichter en directeur geweest van de Maatschappij tegen Zeeschade in Amsterdam. Daarnaast werkte hij als commissionair in publieke fondsen en was hij actief als kunstschilder. Op 25 augustus 1884 verhuisde Louise naar Amsterdam.

1884-1887
Vervolgens woonde hier de in Nieuwe-Tonge geboren Elisabeth Antonia Catharina de Jong (1830-1899). Zij was weduwe van de in Doetinchem geboren Bernardus Lambertus Rudolph Termaat (1827-1861). Hij was oud-politiecommissaris van Amsterdam en later officier van justitie. Elisabeth verhuisde in 1877 naar de Canadalaan 22. Op welke datum dat was is niet gevonden, er is geen verhuisdatum genoteerd maar het moet voor 11 november 1887 zijn geweest want toen kwamen hier de volgende bewoners.

1887-1889
Op 11 november 1887 kwamen nieuwe bewoners, zij waren de in Apeldoorn geboren Hendrik Gijsbertus Cornelis Leendertz (1849-1924) en zijn in Amsterdam geboren vrouw Johanna Elisabeth van der Vinne (1839-1931). Hendrik Leendertz was commissionair in effecten. Voor 2 november 1889 verhuisden ze naar Loolaan 1, zijn ouderlijk huis.

1889-1890
Vanaf 2 november 1889 woonden hier de in Oosterend geboren Lammert Gabriëls Faber (1864-1894) en zijn in Goenga geboren vrouw Durkjen Jans Lanting (1856-1929). Zij kwamen vanuit Warmenhuizen naar hier. Lammert was bouwkundig opzichter. Voor 24 mei 1890 zijn ze verhuisd naar de Stationsstraat want op die datum stonden weer nieuwe bewoners genoteerd.

1890-19??
Die nieuwe bewoners waren de in Amsterdam geboren Helena van Bommel (1827-1906), weduwe van de zeeman Alexander Willem Grevelink (1832-1861). Zij woonde hier met haar eveneens in Amsterdam geboren dochter Johanna Maria Grevelink (1859). Als beroep staat 'depothoudster' genoteerd. Waarschijnlijk dreef zij hier gezien het aantal inwonenden ook een pension. In 1894 verhuisde dochter Johanna naar de Canadalaan 21 waar zij ook een pension begon.

1905-1909
Vanuit Rotterdam kwam op 18 april 1905 het gezin van de in Amersfoort geboren Cornelis Steenbeek (1870-1926) en zijn in Doesburg geboren vrouw Antonia Gerharda Maria Stein (1874-1935). Er waren twee inwonende kinderen die beide in Amersfoort geboren waren; Gerharda Cornelia Berendina Francisca (1898) en Willem Jacobus (1900). In 1906 werd er hier nog een dochter geboren; Cornelia Johanna.
Als beroep van Cornelis staat 'cuisinier' genoteerd. Cornelis begon hier een winkel. De Apeldoornsche Courant van 12 april 1905 schreef er het volgende over:


"Dhr. C. Steenbeek, Cuisinier zal aan zijn zaterdag te openen zaak in fijne vleeschwaren enz., Loolaan hoek Marialaan, een net ingerichte wachtkamer voor de trampassagiers verbinden, welke tevens als melk- en ververschingssalon zal dienst doen.

Een dergelijke gelegenheid komt ons op dat punt wel doelmatig voor. In een advertentie in dit nummer bericht dhr. Steenbeek de opening van zijn zaak:

"Mevrouw! Bij deze heb ik het genoegen U mede te deelen, dat ik a.s. zaterdag 15 April mijn ZAAK in fijne Vleeschwaren en Comestibles zal openen, waaraan ook verbonden is een KOKSZAAK. Dagelijks opname en bezorging. Hopende mij door een nette zindelijke bediening het vertrouwen UEd. waardig te maken, blijf ik hoogachtend Uwe Edele dienstwillige dienaar,C. Steenbeek, Cuisinier".

Op 15 juni 1909 verhuisde de familie Steenbeek naar Ede.

1909-1926
In 1909 Beauveser en zn. behanger en stoffeerder. De Nieuwe Apeldoornsche Courant van 18 januari 1926 vermeldde een verhuizing van de zaak van Beauveser van Loolaan 14 naar Kweekweg 2.

1920-1942
In 1920 kocht de kapper Anthonie Prins Loolaan 14 van de erven Roeloffs. In 1922 volgt een interne verbouwing waarbij het huis een heel nieuw uiterlijk krijgt. Vanaf 1922 tot en met 1942 heeft Anthonie Prins hier zijn kapperszaak. De nieuwe Apeldoornsche Courant van 22 maart 1922 schrijft er het volgende over:

"Heropening - In het perceel Loolaan 14 hoek Marialaan, heeft de heer A. Prins, hedenmiddag zijn kapperszaak, die tot vandaag gevestigd was aan de Loolaan, tegenover de Groote Kerk, heropend. Verplaatsing was noodzakelijk geworden, omdat meer ruimte in der loop der tijden noodig bleek, welke ruimte dan in het nu betrokken perceel gevonden is. Onder architectuur van den heer D. Prins is het huis op de hoek Marialaan geheel verbouwd en ingericht tot een moderne kapperszaak, met aan de eischen des tijds beantwoordende dames- en herensalons. Toegang tot dezen salons wordt verkregen door een keurig ingerichten winkel, waarin een uitgebreide collectie parfumerieën, zeepen enz., zoals die bij een kapperszaak behooren, en byouterieën, is bijeengebracht. De beide étalages geven den kijklustigen al voldoenden indruk van wat er daarbinnen te verkrijgen is.
De inrichting van de beide salons zal ongetwijfeld de cliëntèle geheel voldoen, zoowel de dames als de heeren. 't Spreekt natuurlijk vanzelf, dat met name in den damessalon de nieuwste machines gebezigd worden.
Vermelden we nog, dat het werk uitgevoerd werd door den heer D. Nijhof, dat de heer W. Nijdeken, Zwolscheweg het schilderwerk verzorgde, terwijl de firma Sombroek de electrische installatie aanbracht".

Vanaf 29 maart 1922 betrok het echtpaar Prins de bovenwoning. Zij waren de in Apeldoorn geboren Anthonie Prins (1889-1961) en zijn in Olst geboren vrouw Hendrika Frederika Wiecherink (1891-1956). Dit echtpaar had geen kinderen, wel zijn er in de loop der jaren veel personeelsleden inwonend geweest.

In 1928 is er weer een verbouwing. Deze keer krijgt het woon/winkelhuis een verbouwing waardoor het een heel ander pand werd. Het ontwerp kwam van Christiaan ten Tuynte, architect aan de Parkweg 2 (nu Professor Röntgenstraat 2) .
Vanaf 1935 adverteerde Prins ook als zijnde "Hofkapper". In 1943 verkoopt Prins aan de buurman, de rijwielhandelaar Gerhard van Zutphen. De kapperszaak werd vanaf 27 februari 1943 voortgezet door Bernardus Everhardus Johannes Frieling (1898-19??), hij was al 23 jaar werkzaam bij Prins. De damessalon werd opgeheven er werden vanaf toen alleen nog heren geknipt.

1946-1987
In 1946 komt de in Apeldoorn geboren Gerhard van Zutphen (1899-1954) met zijn rijwielzaak van nr. 12/2. In 1949 krijgt hij een hersenbloeding. Zijn zoon Jan, (1932), die bij de Gazelle fabriek in Dieren op stage is, moet terugkomen. Hij neemt na het overlijden van zijn vader in 1954 de zaak over. In 1980 verhuurt hij de winkel aan een tapijtenzaak. In 1987 verkocht Jan van Zutphen aan de kleuterleidster Gerda van Rijswijk, gehuwd met de makelaar Dirk Jan Mennink.

2008-heden
Vanaf 2008 is Mennink er met zijn makelaardij ingetrokken na een grondige inwendige verbouwing. De bovenwoning is genummerd is als Canadalaan 2.

Fragment van de bouwtekening van 1928 waar architect Chris ten Tuynte ook nog een schets had gemaakt van de oude situatie.

Herrinneringssteen aan de verbouwing in 1928. (Foto: B. Meester)

Foto ten tijde van de rijwielhandel van Gerhard van Zutphen. (Foto G. van Zutphen)