Op 20 november 1917 stond in de krant dat “aan de Paschlaan een nieuw Bioscoop-theater gebouwd zal worden naar de plannen van het Architectenbureau Han en C. Wegerif te ’s-Gravenhage.”

In maart 1918 werd de NV Bioscoop-Theater Minerva opgericht en in de krant van 4 april 1918 stond vermeld, dat er foto’s te zien waren hoe de nieuwe zaal eruit zou zien.

Op vrijdag 6 december 1918 is aan de Paschlaan het nieuwe Minerva Theater geopend. Het was de tweede bioscoop in Apeldoorn met die naam. Het oude Minerva Theater met “bioscope” stond aan de Stationsstraat in de buurt van het oude Kantongerecht (nog niet duidelijk waar dit heeft gestaan).

In de Nieuwe Apeldoornsche Courant is een verslag te lezen van de openingsavond, waarbij het filmspel “Gloria Transita (Vervlogen Roem) ” werd vertoond en opgevoerd. De burgemeester en andere vooraanstaande personen waren aanwezig. Nog niet zo lang voor de opening had de gemeenteraad de leeftijdsgrens voor bezoekers van “lichtbeeldenvertoningen” op 18 jaar gesteld. Aan de linkerkant van het nieuwe theater was een chocolaterie gevestigd en aan de rechterkant een wachtkamer-lunchroom; beide zaken gedreven door de firma J.W. Schuld; ze waren elk ook vanuit de vestibule van de bioscoop bereikbaar.
Het complex was een ontwerp van de architect Chris Wegerif, de krant schreef dat het gebouw in- en uitwendig de taal van een nieuwe tijd spreekt. Om de een of andere reden liep het niet zo goed met het bioscoopbezoek en moest men na een goed jaar de zaak sluiten.

Nieuwe eigenaar werd N.J. Boon, die het complex overnam van B.A. Wentzel. In 1920 werd een verbouwing uitgevoerd waarbij ook een nieuw plafond werd aangebracht, in de vorm, zoals het ook nu nog te zien is, nu naar een ontwerp van de Haagse architect J.C. van Dorsser. Waarschijnlijk was Van Dorsser gevraagd omdat Chris Wegerif inmiddels was overleden. In de krant is een beschrijving gegeven van de veranderingen: “De zeer moderne kleuren van vroeger zijn vervangen door en effen zachtgrijze tint, wanden en plafond geheel bedekkend. Die wanden en plafond zijn eveneens veranderd. Het hooge plafond heeft plaats gemaakt voor een tonrond plafond…..waardoor de zaal minder groot en hoog lijkt te zijn. Ook de verlichting heeft een wijziging ondergaan. De talrijke gekleurde lichten, die, groote, kleurige waterdruppels gelijk, van het plafond en de steunen tegen de wanden afhingen, zijn vervangen door een drietal gesmede lichtkronen.” Wanneer je die beschrijving leest moet het ontwerp van Wegerif toch wel mooi zijn geweest in kleur en verlichting.
Ook de winkels waren verdwenen en daar was nu een pauze- en wachtruimte ingericht.
In de Beeldbank van CODA zijn ook nog foto’s te zien van het interieur en het plafond uit het ontwerp van Chris Wegerif.

In 1941 werd de voorgevel aangepast, naar een ontwerp van de architect Van den Beld; de voorkant van de beide winkels met het ene grote raam en de deur werden vervangen door drie ramen en ook de entree van de bioscoop zelf werd gemoderniseerd. Ook is, volgens de foto’s van de architect, het interieur en met name weer het plafond zeer grondig aangepakt. Er zijn (nog) geen bouwtekeningen gevonden van deze aanpassingen.

In 1984 zijn er intern nog verbouwingen geweest toen de Evangelische Zendingsgemeente het gebouw als kerkruimte ging gebruiken. Nu staat er boven de ingang geen Minerva, maar Menorah.

Onderstaande foto's zijn van een verbouwing door architect van der Beld in januari 1942.
(foto's: A.M.E. Dijkstra-van der Beld)